Jaarrede voorzitter DB 2016

Welkom allemaal.

Er worden vanavond 15 leden uitgeslagen, die samen 208 jaar lid zijn geweest van de JNM. Omdat we de komende uren terug zullen kijken op deze 208 jaren zal ik dit een beetje kort houden. In deze 208 jaar hebben onze toekomstige ouwe sokken allerlei avonturen beleefd, Buzoka’s gedaan, Wadkampen georganiseerd, vrienden gemaakt, en zijn zij samen opgegroeid binnen de unieke omgeving van de JNM.

Oud-jeugdbonders zijn vaak een bepaald type mens, eigenlijk net zoals jeugdbonders. Kort samengevat zijn we over het algemeen één van de weinige mensen die het heerlijk vinden om lang en geconcentreerd dingen te determineren. We focussen ons op een bepaalde soortgroep en duiken hier dan helemaal in, of proberen juist meerdere soortgroepen wat oppervlakkiger te herkennen. En dit doen we omdat we het leuk vinden. En dat is maar goed ook want er is tegenwoordig maar weinig geld voor dit soort verdieping. Binnen het vakgebied van de Biologie lijken (oud-)jeugdbonders soms de enigen die dit verdiepende biodiversiteitsonderzoek nog kunnen doen, die daarvoor de kennis in huis hebben. Die kennis doe je niet meer op tijdens een biologie opleiding. Daar ligt de focus tegenwoordig meer op de moderne technieken beheersen en leren waar je dingen kunt opzoeken. Kennis over soorten determineren, wat eigenlijk de methode is om biodiversiteit waar te nemen, dat leer je bij de jeugdbonden, bij de JNM.

Het is wel duidelijk waarom dit cruciaal is: zicht op de biodiversiteit van een bepaald gebied is nodig om te weten hoe je dat gebied zou kunnen beschermen. Je moet weten wat de ecologische rol van een bepaalde soort is, om iets te kunnen zeggen over z’n waarde in een ecosysteem. En met een groeiende wereldbevolking en daarmee een toenemende druk op de bestaande natuur wordt dit met de dag belangrijker. Jeugdbonders zijn de mensen met de kennis en kunnen hieraan bijdragen.

Dit is allemaal heel leuk en aardig maar over het algemeen is dit niet waarom wij stenen en boomstammen omkeren, of waarom we in de sloot staan te scheppen. Het is ook niet de reden waarom we als 12 jarige aansluiten bij de JNM. We doen dit omdat we het leuk vinden. Dit is misschien iets te simpel gezegd, we doen dit misschien ook omdat we graag buiten zijn en gelukkig worden van de natuur begrijpen. Uit onderzoek blijkt steeds maar weer dat de natuur goed voor je is en er wordt zelfs gezegd dat je als mens gelukkiger wordt als je je plek in de wereld beter begrijpt, en die begrijp je weer beter als je de biodiversiteit wat kan bevatten.

Het resultaat is dus dat we kennis in huis hebben die tegenwoordig steeds zeldzamer begint te worden, maar tegelijkertijd ook steeds belangrijker wordt. Dit maakt de jeugdbonden niet alleen uniek maar ook super belangrijk. Het is dus goed om op kamp zo veel mogelijk te determineren oftewel te bio-nerden. Het is belangrijk dat het bio-nerden hoog in het vaandel blijft staan binnen de JNM. Hier wordt je blijkbaar gelukkig van én hier redden we later de wereld mee ;).

Lisette van Kolfschoten
Voorzitter JNM 2016